Excursie naar Zwolle

juni
zaterdag
9
De jaarlijkse excursie gaat dit jaar naar Zwolle.
08:30

Amy Groskamp-Ten Have is de auteur van "Hoe hoort het eigenlijk?", dat in 1939 verscheen en waaraan Jort Kelder in zijn programma’s aandacht heeft besteed. Zij had ook voorgangers. In 1928 kwam bij uitgever Malmberg de elfde druk uit van het "Handboek Wellevendheid", waarvan de eerste druk verscheen in 1901 en door een Duitse bisschop geschreven was.

De elfde druk van het "Handboek Wellevendheid" was een door mgr. A.F. Diepen bewerkte uitgave van de Duitse versie van mgr. J.B. Krier. De eerste druk verscheen in 1901. Het boekje telt maar liefst 280 pagina’s met hoofdstukken over zindelijkheid, kleding, de houding, het groeten, het afleggen van bezoeken, over gesprek en gedrag in gezelschappen, de maaltijden, het gedrag in de kerk bij godsdienstoefeningen en plechtigheden, gedrag in het huisgezin, in de school, in het gemeenschappelijk leven, bij het spel, het gedrag op reis, de gastvrijheid en brieven schrijven. Het was bedoeld voor R.K. seminaries, colleges, kweekscholen en pensionaten, ouders en opvoeders.

De eerste eigenaar van het antiquarisch boekje in ons bezit had enkele passages met rood onderstreept of van commentaar voorzien. We geven deze weer om een indruk te krijgen van het boekje, maar mogelijk ook van de eigenaar:

Over kleding:

  • Men kleede zich zooals de fatsoelijke en achtenswaardige lieden van zijn stand (bijschrift van de eigenaar: En de standen zijn door God gewild). De mode volge men slechts dan, wanneer ze algemeen aangenomen en niet in strijd is met de goede zeden. Men vrage zich altijd af: Wat is het beste voor de deugd? En niet Wat is de nieuwst mode?
  • Men drage ze ook naar de stand, zooals beroep en leeftijd het meebrengt. De student ga niet gekleed als een boer, de overheidspersoon niet als een handelsreiziger. De jongeling niet als een grijsaard.
  • Lieden van stand en beschaving verkiezen witte hemden boven gekleurde.
  • Zonder hoofddeksel in het openbaar verschijnen is bij mannen en jongelingen gelukkig nog iets ongewoons; Voor vrouwen is het nog minder aanbevelingswaardig en in de kerk ongepast.
  • Bij kleeding behoort een paraplu. Zij moet, wat kwaliteit betreft, bij de stand van de drager of draagster passen.
  • Hoe dit zij, wees bij het aan- en uitkleden uiterst kiesch en zedig, ook zelfs dan wanneer gij u alleen bevindt.

Over gedrag:

  • Leerlingen moeten een overste vriendelijk bejegenen en hen eerbiedig groeten
  • Leerlingen spreken, volgens de voorschriften van de beleefdheid, met twee woorden.
  • De dienstboden behoren ook tot het huisgezin en verdienen met achting behandeld te worden. Houd u niet teveel bij hen op in keuken, stal of tuin. (Bij het woord stal schreef de eigenaar een groot vraagteken)

Op internet is een digitale versie van de 14e druk van De Wellevendheid te vinden.